Verslag van een beklimming, door Frieda Wallaard

HET GROTE MONT VENTOUX AVONTUUR
 

Hoe dit allemaal begon vorig jaar, nou met een geintje. Op een feestje gezellig wat biertjes gedronken en dan komt de stoere praat. Tamara had in september 2012 zojuist de Mont Ventoux beklommen met haar collega’s. Ze was maar liefst 2 maal naar boven geweest en er werd gepocht wie dat nog meer kon presteren. Er werd zelfs een weddenschap afgesloten tussen Aco en Gert Maasland  (ja die Gert van de Spartaklon in Griekenland) . Gert zou de Mont Ventoux sneller oplopen dan Aco hem op kan fietsen…….

Een tijd lang niet meer aan gedacht, totdat de inschrijving voor 2013 voor de deur stond en Tamara ons dus heeft opgegeven. Wij met zijn vieren  een “Chalet” geboekt op een camping vlak bij de voet van de Mont Ventoux. We fietsen natuurlijk wel veel, maar hoe kan je hier nou toch specifiek voor trainen. De Gorinchemse brug is maar een molshoop en ook de klimmetjes in Limburg kunnen deze reus niet nabootsen. Zowel Gert als wij hebben afgelopen zomervakantie toch maar wat klimkilometers in het buitenland getraind, die hadden we maar alvast in de benen.

Een paar dagen voor de grote dag, stouwden we de auto vol, fietsen op het rek om de lange reis met Leida en Gert naar Frankrijk af te leggen. Eenmaal op de camping maakten we kennis met de collega’s van Tamara die ook dit jaar weer van de partij waren en zeer gedreven dit spektakel organiseerden.

Want zoals zoveel fietstochten was ook aan deze tocht een goed doel verbonden, zoveel mogelijk geld inzamelen voor de kankerbestrijding. De dag voor de beklimming kochten we de armbandjes met de tekst: “opgeven is geen optie” en een kaarsje voor hen die wij aan deze ziekte verloren hebben maar ook voor hen die deze grote strijd nu strijden. Zo kwamen we langzaam in de stemming en beseften toch wel hoe bijzonder het is om aan dit evenement te kunnen deelnemen.

13 September, de grote dag,  om 4.30 uur loopt de wekker af want de start is al om 6.00 uur. Proberen goed te eten en de juiste kledingkeuze te maken. De zenuwen gieren door mijn keel, want ik weet echt niet of ik boven ga komen. Per auto naar Malaucène, waar we onze kledingtasjes afgegeven voor het dalen. Eenmaal opgesteld in het donker,  horen we dat de top is afgesloten wegens harde wind en een temperatuur van -2. Bij Chalet Liotard zal het keerpunt zijn, jammer want je wilt toch eigenlijk wel die top halen, maar de organisatie beslist.

Het startsein wordt gegeven, eerst de fietsers en daarna de lopers en wandelaars. In een groot peloton gaan we van start, het is opletten geblazen want je wilt niet in het wiel van iemand anders terecht komen.  Tamara en ik zouden proberen bij elkaar te blijven, maar in het donker blijken we elkaar snel kwijt te zijn. Het eerste deel gaat goed en langzaam vallen de zenuwen van me af, ik krijg een goed ritme te pakken. Na het eerste 5 km komt er even een stukje herstel voor het echte steile stuk van 11% begint. Er vallen gaten en er wordt gezucht en gekraakt. Jeetje wat doen mijn benen zeer, maar de aanmoedigingen van Leida en anderen zorgen ervoor dat je doorgaat.  Afstappen mag ik niet van mezelf, maar op 11 kilometer bij een kleine parkeerplaats even wat rondjes draaien om de druk van de benen af te halen dat moet kunnen. Proberen wat te eten, een paar slokken uit je bidon en weer door. Er lijkt geen einde te komen aan dat steile stuk, inmiddels is de zon op en volgt er een prachtig uitzicht. Kijken maar dat geeft een goede afleiding, allerlei gedachten gaan er door mijn hoofd. Opgeven is geen optie, nooit, maar nu zeker niet. Het oranje polsbandje haal ik onder mijn mouwstukken vandaan, het is vandaag mijn vriend, maar ook mijn vijand.

Opeens denk ik aan Gert onze hardloper, hoe zal het met hem gaan? Zal hij mij nog inhalen, of zelfs Aco?  Gert is ijzervlechter van beroep, maar volgens mij is hij een ijzervreter met zoveel karakter, Gert geeft nooit op. Daar zie ik de eerste afdaler al naar beneden komen, waar zal Aco zitten, die heb ik vanaf de start al niet meer gezien. Want klimmen doe je allemaal op je eigen tempo, als je je laat verleiden groepjes bij te houden die net te hard gaan, dan kom je de man met de hamer zeker tegen. Al vrij snel zie ik Aco in de afdaling komen, dus die heeft een goede tijd neergezet. Iemand haalt me in en roept volhouden hoor, we zijn er bijna. Ja de lucht wordt kouder nog zo’n 3 km dan zijn we bij het keerpunt. Dan lijkt het wel of je vleugels krijgt, in de verte horen we de muziek van de organisatie, alle renners worden prachtig binnengehaald. Met verzuurde benen stap ik na ruim anderhalf uur klimmen af om bij de verzorging wat eten en drinken te pakken. Leida, Freek en Ellie staan er al met mijn afdaalkleding en melden me dat Gert en Tamara er zo ook aankomen.

Even wachten en genieten van dit spektakel, want elke renner en loper overtreft zichzelf vandaag. We kletsen even over onze ervaringen en besluiten weer verder te gaan voordat we het echt te koud gaan krijgen. Gert gaat met de auto naar beneden om daarna nogmaals naar boven te gaan rennen.

Tamara en ik trekken onze afdaalkleding aan en juist op het moment dat we willen vertrekken roept de organisatie dat de weg naar de top open gaat, omdat de weersomstandigheden zijn verbeterd.

Wat nu, te veel kleding aan die ik niet meer af kan geven omdat de auto al naar beneden is. Maar de top lonkt en dus besluiten we verder te klimmen. Langzaamaan komen we uit het bos en bereiken het beruchte kale gedeelte. Eindelijk komt het torentje in zicht, nog een paar steile bochten, supporters moedigen je aan om vol te houden en het lukt. Met muziek op de top wordt je onthaald en kan je van het geweldige uitzicht genieten. Even een rustig plekje zoeken om uit te rusten, het lijkt wel of je boven op het “dak“ van Frankrijk staat.

Dan komt de ontlading, als uit de speakers een liedje schalt met de tekst “dichter bij de hemel kom je niet” ……. De vragen over het leven en alles wat ons bezig houdt, de drive om steeds maar weer te vechten en soms hiervan zo moe te zijn. Het adembenemende uitzicht maakt je stil en nietig en zorgt ervoor dat je verder gaat, alsmaar verder.

De afdaling kan beginnen, we komen nog steeds diverse klimmers tegen, zij die wellicht nog harder afzien en zij die alweer voor de 2e keer omhoog gaan. Ook onze loper Gert met zijn fluorescerende oranje pet zie ik komen, wat een bikkel is hij toch. De afdaling is koud, ontzettend koud. Het lijkt wel of mijn voorwiel los zit zo trilt het wiel, maar later zal blijken dat ik zo zit te rillen van de kou dat ik dat op mijn fiets overbreng. Het laatste stuk heeft mooie bochten die goed lopen, dat geeft een heerlijk gevoel van vrijheid.

Onder aan de voet gekomen is een kamp ingericht waar we even kunnen rusten en eten, in de zon opwarmen en droge kleding aantrekken. Een beker soep, zoete wafels, sportdrankjes om weer energie op te doen. Want het zit in mijn hoofd om de beklimming nog een keer te starten en dan maar zien hoe ver ik ga komen.  Aco is inmiddels voor de 2e keer beneden en gaat zich prepareren voor de 3e beklimming. Tamara zit erbij als een dood vogeltje, het klimmen gaat niet lekker, ze heeft afgelopen week nog de 10 km Loop naar de Pomp gelopen en dat zit vast nog in de benen, maar ook zij weet niet van opgeven.

Ik start enkele minuten na Aco en probeer het ritme weer te pakken te krijgen. De 2e keer rij je niet in een peloton maar ben je volledig op jezelf aangewezen. Ik haal 2 heren in die mopperen dat dit niet goed is voor hun moraal en daar krijg ik juist moraal van. Maar als het steile stuk van 11/12% komt dan begint de ellende pas echt, afzien in het kwadraat!

Gert heeft zijn 2e beklimming gehaald en is nu ook mijn supporter. Ik geef mijn bidon af om bij te laten vullen maar kan hem op het steile stuk niet eens aanpakken. Later maar zucht ik en de aanmoedigingen blijven hangen.

Het oranje bandje daar moet ik aan denken, opgeven is geen optie ook nu niet. Binnen onze kennissenkring strijd iemand aan deze gevreesde ziekte, die kan en mag niet opgeven, dus ik ook niet. Voor hem zwalk ik over de weg en kom eindelijk bij Chalet Liotard waar ik mijn bidon weer van Gert aanneem. Ik roep dat ik niet weet of ik het ga halen, mijn benen doen zo zeer. Zal ik even afstappen, nee nee je doet het niet! De weg naar boven is nog 5 km en duurt een eeuwigheid. Ik heb wel 10 keer gedacht dat ik van de fiets moest, maar nee opgeven is geen optie. Dan hoor ik van boven Aco roepen, het laatste kale gedeelte komt hij me tegemoet en geeft me weer moraal.

Hand in hand rijden we de over de finish op de top. Ik ben bang dat ik niet kan afstappen zonder om te vallen, totaal kapot. Maar ik heb niet opgegeven.

Opnieuw zoek ik even de rust bij het uitzicht en heb ik diegene gebeld die de 2e keer mijn motivatie was. Ik sta op de top van de Mont Ventoux, voor jou ben ik deze 2e keer naar boven gegaan, voor  jou heb ik het gehaald en samen huilen we om het leven waar we zelf geen grip op hebben.


Wat begon met een weddenschap bleek uiteindelijk van ondergeschikt belang te zijn.

Doorzetten, uitdagingen aangaan,  het beste uit jezelf halen ook voor anderen die het op dat moment niet kunnen.

Het oranje bandje is mijn vriend en vijand gebleken, net als de Mont Ventoux. Met deze reus zal ik voor altijd een haat/liefde verhouding hebben, want opgeven is geen optie.

 

#################################

Diegene waarvoor ik o.a. zoveel heb afgezien heeft het helaas niet mogen halen, op 28 september overleed Jan van der Meijden oud politiemedewerker, vast wel bekend bij jullie organisatie.